Waarom glasvezel beter werkt dan DSL

Ben je de gelukkige eigenaar van een verdienstelijke internetverbinding, dan zal je weleens gehoord hebben van DSL of glasvezelkabels. Allemaal brengen ze het internet naar jouw huis, werk of favoriete koffietent. En allemaal doen ze dit met verschillende snelheden. Maar wat is nou het wezenlijke verschil tussen de verschillende kabels? En wat zijn de nadelen van DSL ten opzichte van de moderne glasvezelkabel? Wij leggen het haarfijn uit:


Koper vs. glas
Het verschil begint al in de dwarsdoorsnede van de kabels. Hoewel DSL anders is opgebouwd: namelijk uit koper. DSL-kabels – over het algemeen telefoonkabels – zijn gebundelde pakketjes van twee of vier koperen aders met daaromheen een kunststof omhulsel. 

Glasvezel is anders. Heel anders. Zoals de naam al doet vermoeden bestaan glasvezelkabels uit glas. Om preciezer te zijn: kwarts! De vezel is extreem buigbaar, transparant en qua dikte vergelijkbaar met een menselijke haar. Uiteindelijk worden honderden of zelfs duizenden van deze vezels gebundeld om een dikker kabeltje te maken: dit is de kern van de glasvezelverbinding die ook wij gebruiken. Over het algemeen geldt: hoe dikker de kern, hoe meer data zich door de kabel kan verplaatsen. Om een verlies van signaalsterkte te elimineren en de kabel te beschermen, worden er vervolgens vier beschermende lagen om de kern gewikkeld.


Waarom glasvezel beter is
Leuk en aardig die dwarsdoorsneden, maar wat betekent het nou eigenlijk voor mijn tv- en internetverbinding? Daarvoor moeten we kijken naar hoe informatie door de verschillende kabels wordt getransporteerd. Bij een DSL-verbinding is dit via een stroomsignaal. Voordat de informatie de kabel ingaat, wordt het omgezet naar een voor koper geschikt stroomsignaal. Het signaal wordt vervolgens thuis weer omgetoverd tot internetsignaal. Het apparaat dat het signaal vertaalt ken je vast wel: een modem!

Maar koper heeft een groot nadeel: de informatie die verstuurd kan worden is beperkt. Er zit letterlijk een max aan de datacapaciteit. Hogere downloadsnelheden dan 200 Mbit/s en uploadsnelheden dan 20 Mbit/s zitten er meestal niet in. Daarnaast breekt de kwaliteit van de informatiegolven vrij snel af. Over het algemeen geldt: hoe verder de met koperkabel verbonden apparaten van elkaar afstaan, hoe zwakker het signaal uiteindelijk wordt. Woon jij bijvoorbeeld ver van een wijkcentrale af, dan zal de uiteindelijke snelheid van je internetsignaal ook lager zijn.


Lightspeed!
Bij glasvezel is dit anders. Informatie wordt via licht verstuurd, in plaats van met stroomsignalen. En omdat dit zich verplaatst door een nagenoeg transparant medium – de glasvezelkabel – is de snelheid van het signaal nogal hoog: 200.000km per seconde (!) om precies te zijn. Maar het belangrijkste voordeel zit ‘m in signaalkwaliteit. Zo is glasvezelkabel immuun voor elektromagnetische storing en is afstand geen factor. Hoe ver de apparaten die je met elkaar verbindt ook van elkaar afstaan: het signaal is en blijft door de transparantie van het glas gelijk. Ook treedt er geen kwaliteitsverlies op. Dit betekent dat jij (bij een bekabelde verbinding) de internetsnelheid ontvangt waar je voor betaalt.

Daarnaast kunnen er meerdere signalen via één vezel worden verstuurd. Hoe? Door het gebruik van verschillende kleuren en golflengtes. Up- en downloadsnelheid van jouw internetverbinding is hierdoor gelijk. Maar ook is het mogelijk meer en soepeler data te versturen door de kabels. Vergeet die maximale 200 Mbit/s bij DSL en ga voor 750 Mbit/s met een bekabelde glasvezelverbinding.

Dus: ben jij klaar voor een supersnelle glasvezelverbinding bij jou thuis? Doe hier onze postcode check